Kansenongelijkheid in het onderwijs: wat kun je als school doen?
Iedere school wil hetzelfde: leerlingen de kans geven om het beste uit zichzelf te halen. Toch stapt niet iedere leerling met dezelfde kansen het klaslokaal binnen. Waar de één thuis hulp krijgt bij het huiswerk of toegang heeft tot bijles, is dat voor de ander minder vanzelfsprekend. Je hebt als school niet altijd invloed op de situatie buiten de schoolmuren, maar je kunt daarbinnen wél het verschil maken.
Kansenongelijkheid in het onderwijs neemt toe
Waarschijnlijk is het op jouw school ook zichtbaar. De kansenongelijkheid tussen leerlingen neemt toe. Inmiddels is Nederland internationaal koploper geworden in niveauverschillen tussen scholen.
Dat blijkt uit verschillende cijfers. Zo laat het PISA-onderzoek uit 2022 zien dat de prestaties van Nederlandse leerlingen over de hele linie zijn gedaald. Eén op de drie vijftienjarigen haalt het basisniveau voor leesvaardigheid niet meer en ruim een kwart moeite met wiskunde.
Tegelijkertijd groeit ook de kloof tussen leerlingen. Onderzoek van het NIDI laat zien dat de thuissituatie steeds zwaarder meetelt. Leerlingen met laagopgeleide ouders lopen vaker achterstanden op. In 2003 haalde 87 procent van hen nog het basisniveau voor leesvaardigheid. In 2022 was dat nog maar 63 procent. Bij leerlingen met hoogopgeleide ouders is die daling veel kleiner.
De Staat van het Onderwijs 2024 bevestigt dit. Op meer dan één op de vijf onderzochte scholen is de kwaliteit onvoldoende. De verschillen tussen scholen zijn groot. En het lerarentekort raakt juist de scholen waar leerlingen de meeste ondersteuning nodig hebben.
Wat is kansengelijkheid?
Kansengelijkheid betekent dat iedere leerling dezelfde kansen krijgt om zichzelf te ontwikkelen.
Dat klinkt logisch, maar niet iedere leerling begint met dezelfde voorsprong. De één krijgt thuis hulp bij het huiswerk. Heeft toegang tot bijles of examentraining. Terwijl de ander een lastige thuissituatie heeft. Ouders die de taal niet goed spreken. Of simpelweg niet de financiële middelen om hun kind extra te begeleiden.
De kans is gelijk. Het resultaat niet.
Alles begint met goede docenten
Als school kun je de thuissituatie van een leerling niet beïnvloeden. Maar wie er voor de klas staat, maakt een wereld van verschil.
Uit het onderzoek van Het Centraal Planbureau (CPB) blijkt hoe groot het effect is van een goede docent. Leerlingen van de best presterende docenten scoren gemiddeld één onderwijsniveau hoger dan leerlingen van de minst presterende docenten.
Eén onderwijsniveau. Door alleen een betere docent. De gevolgen voor leerlingen zijn vaak op latere leeftijd ook merkbaar. Denk bijvoorbeeld aan hun inkomen en kansen op de arbeidsmarkt.
Waar haal je goede docenten vandaan?
Je kunt niet zomaar een blik goede docenten opentrekken. Zeker niet in een tijd waarin het lerarentekort groot is. Het goede nieuws: ze zijn er al. Nederland heeft zo’n 250.000 leraren. In elk team zit kennis en ervaring.
Het probleem is dat die kennis niet altijd gedeeld wordt. En dat docenten in de klas vaak alleen staan. Zonder begeleiding, zonder sparring, zonder ruimte om te groeien.
Docenten die via Derec op jouw school starten, krijgen vanaf de eerste dag begeleiding. We zorgen voor coaching op de werkvloer, organiseren intervisie, bieden ondersteuning bij wat ze tegenkomen in de praktijk en zorgen voor scholing om zich verder te ontwikkelen.
Daarnaast leiden we nieuwe docenten op via ons Docent van Morgen-traject. Gemotiveerde zij-instromers die bewust kiezen voor het onderwijs, hun opleiding volgen via thuisstudie en vanaf dag één intensief worden begeleid in de school. Dat is geen snelle oplossing. Het is een zorgvuldig traject van meerdere jaren. Maar het levert wel iets op: docenten die passen bij het vak, de leerlingen en de school.
Wat kun je als school doen?
Je kunt als individuele school niet de kansenongelijkheid voor heel Nederland oplossen. Maar je kunt wel iedere dag keuzes maken die bijdragen aan betere kansen voor jouw leerlingen.
→ Maak van samenwerking de norm
Op veel scholen staat de docent er in de klas alleen voor. Dat is zonde. Want de kennis om beter onderwijs te geven zit vaak al in het team. Alleen wordt die niet gedeeld.
Als school kun je daar verandering in brengen. Maak er beleid van dat docenten samen lessen voorbereiden, bij elkaar in de klas kijken en leerlingen om feedback vragen. Niet als extra taak, maar als onderdeel van hoe jullie werken. Scholen die dit doen zien het terug in de resultaten. De Onderwijsinspectie bevestigt dat ook: op scholen waar wordt samengewerkt aan onderwijs, presteren leerlingen beter.
→ Laat startende docenten niet zwemmen
Een nieuwe docent voor de klas zetten en hopen dat het goed gaat is niet genoeg. Zeker niet in tijden van schaarste, waarin starters soms sneller voor de groep staan dan ideaal is.
Intensieve begeleiding in het eerste jaar maakt het verschil tussen een docent die groeit en een docent die afhaakt. Dat vraagt iets van de school: een vaste mentor, regelmatig meekijken, ruimte om te leren. Het is een investering. Maar een die zich terugverdient in betere lessen en minder verloop.
→ Investeer in nieuwe docenten
Vacatures die blijven openstaan kosten energie. En steeds opnieuw zoeken in dezelfde krappe markt levert steeds minder op. Daar kun je als school ook anders naar kijken.
Met zij-instroom investeer je in mensen die bewust kiezen voor het onderwijs. Ze brengen levenservaring mee, volgen een volledige opleiding en worden intensief begeleid in de klas. Dat is geen snelle oplossing. Het is een traject van meerdere jaren. Maar het levert structureel iets op: een docent die past bij je school, je leerlingen en je team.
Derec begeleidt dit soort trajecten via Docent van Morgen. De zij-instromer werkt drie tot vier dagen per week in de school, volgt de opleiding via thuisstudie en krijgt coaching op de werkvloer. Als school hoef je de opleiding en begeleiding dus niet zelf te organiseren.
→ Geef de schoolleider ruimte voor onderwijs
Geen ervaring hebben in het onderwijs betekent dus niet dat je niet kunt starten met een zij-instroomtraject. Het betekent vooral dat je nog veel gaat leren. Precies waar onze trajecten voor bedoeld zijn.
Bij Derec kijken we niet alleen naar wat je al hebt gedaan, maar vooral naar wat je kunt worden.
Twijfel je nog? Of wil je gewoon eens sparren over jouw situatie? Neem dan contact met ons op. We denken graag met je mee.
→ Zet hulpmiddelen in die de kloof verkleinen
Niet iedere leerling kan na schooltijd naar bijles of examentraining. Als school kun je dat gat deels dichten door digitale hulpmiddelen schoolbreed in te zetten.
Digitale leerplatforms vervangen de docent niet. Maar ze kunnen leerlingen wel helpen om zelfstandig te oefenen, uitleg terug te kijken of zich voor te bereiden op een toets. Juist voor leerlingen die thuis minder ondersteuning krijgen, maakt dat verschil. Als je dit als school aanbiedt, is het voor iedere leerling bereikbaar. Niet alleen voor wie het thuis kan betalen.
JoJoschool als praktijkvoorbeeld
Een voorbeeld van zo’n digitaal leerplatform is JoJoschool. Het platform is ontwikkeld voor leerlingen in het voortgezet onderwijs en biedt samenvattingen, uitlegvideo’s, oefenvragen, examentrainingen en een AI-assistent die vragen over de lesstof kan beantwoorden.
JoJoschool wil extra ondersteuning voor zo veel mogelijk leerlingen toegankelijk maken. Scholen kunnen het platform voor al hun leerlingen inzetten, waardoor hulp niet afhankelijk is van de financiële situatie thuis.
Daarnaast werkt JoJoschool samen met het Wilhelmina Kinderziekenhuis, Signpost en Stichting Leergeld. Zo krijgen ook leerlingen die ziek zijn of opgroeien in een gezin met minder financiële mogelijkheden toegang tot extra ondersteuning. Uit een enquête onder 341 leerlingen geeft 94% aan beter te leren met JoJoschool. Inmiddels maken al ruim 80.000 leerlingen gebruik van het platform.
Kansenongelijkheid verkleinen begint op school
De cijfers zijn duidelijk. De kloof groeit en wachten op landelijk beleid lost het niet op. Maar binnen de schoolmuren kun je als school, als docent en als team wél iets doen. Door te investeren in nieuwe docenten. Door de schoolleider de ruimte te geven voor wat er in de klas gebeurt. En door hulpmiddelen in te zetten die ondersteuning bereikbaar maken voor iedere leerling.
Goed onderwijs begint met goede mensen. En met de bereidheid om samen te kijken wat er nodig is.
Wil je weten wat Derec kan betekenen voor jouw school? We denken graag mee over hoe je kansenongelijkheid op jouw school kunt verkleinen.
Deel dit blog
Lees meer blogs
Sta je te popelen om het roer om te gooien naar het onderwijs, maar heb je nog nooit voor een klas g…
Je weet dat je het onderwijs in wilt, maar waar begin je? Kies je voor de pabo en de onbevangenheid…
Wil je de overstap maken naar het onderwijs? Dan wil je waarschijnlijk niet alleen weten óf het iets…
Onderwijs
Zorg