Basis- en voortgezet onderwijs: welke schooltypen zijn er?

Tegenwoordig zijn er veel verschillende typen scholen. Deze zijn onder andere gericht op godsdienst, levensovertuiging of pedagogische uitgangspunten. Bij het kiezen van een school in het basis- of voortgezet onderwijs is het goed om te weten welke schooltypen er allemaal zijn!

Openbare school

De naam zegt het eigenlijk al, op een openbare school is iedereen welkom. Deze scholen mogen geen leerlingen weigeren op basis van hun levensovertuiging of godsdienst. Wel kunnen zij leerlingen weigeren als de school vol zit of als de school de leerlingen niet de juiste ondersteuning kan bieden.

Bijzondere school

Op een bijzondere school wordt er lesgegeven vanuit een godsdienst of levensovertuiging. Leerlingen en leerkrachten met een ander geloof mogen hier geweigerd worden. Voorbeelden van godsdiensten en levensovertuigingen binnen bijzondere scholen zijn: christelijk, protestants, rooms-katholiek, islamitisch, joods en hindoeïstisch.

Algemeen bijzondere school

Er wordt lesgegeven vanuit hun visie op het onderwijs. Deze algemeen bijzondere scholen kunnen ook gekoppeld zijn aan een openbare of bijzondere school. Denk aan een openbare daltonschool of een katholieke jenaplanschool. Dit zijn de algemeen bijzondere scholen:

Montessorischool
Onderwijs volgens de visie van Maria Montessori, leer mij het zelf te doen. Leerlingen leren eigen keuzes te maken, zelfstandig te werken en dit doen zij volledig uit eigen motivatie.

Daltonschool
In tegenstelling tot klassikaal lesgeven, hebben leerlingen hier hun eigen leerproces in handen. Op deze manier kunnen zij zich ontplooien tot zelfstandige en verantwoordelijke mensen.

Jenaplanschool
Hier hebben ze geen klassen maar stamgroepen, bestaande uit kinderen met diverse leeftijden en onderwijsniveaus. De kinderen leren om geholpen te worden en zelf hulp te bieden.

Freinetschool
Kinderen worden voorbereid op de democratische maatschappij. Hierbij mogen zij zelf kiezen wat zij willen leren. Ontdekkend leren speelt hier een grote rol.

Vrije school
De persoonlijke ontwikkeling staat centraal en kinderen doen altijd actief mee in de les. Naast lezen, schrijven en rekenen leren de kinderen ook vreemde talen, dansen, toneel, zingen, schilderen etc.

Nutsschool
Het onderwijs is gebaseerd op respect en gelijkheid, waarbij het van en met elkaar leren centraal staat. Hierbij is het doel dat iedereen een volwaardig lid van de maatschappij kan zijn.

Minder bekende schooltypen

  • EGO: ervaringsgericht onderwijs.
  • OGO: ontwikkelingsgericht onderwijs.
  • Gisdo-klas: geïntegreerd interactief semi-digitaal onderwijs.
  • Flexibele scholen: schooltijden en -vakanties kunnen flexibel worden ingevuld.

Brede school

Hier vind je niet alleen onderwijs, maar ook voorzieningen als kinderopvang, sport en cultuur. Vaak kunnen leerlingen hier terecht voor zowel school, opvang als buitenschoolse activiteiten. Op deze manier creëren deze scholen een veilige en vertrouwde omgeving voor de kinderen waarin zij hun talenten optimaal kunnen ontwikkelen.

Speciaal onderwijs

Sommige leerlingen hebben leerproblemen waar een gewone school hen niet bij kan helpen. Voor deze leerlingen is er een plek binnen het speciaal onderwijs. Dit is opgedeeld in het speciaal basisonderwijs, speciaal onderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.

Speciaal basisonderwijs
Het speciaal basisonderwijs is er voor kinderen die net wat extra tijd en aandacht nodig hebben. Dit zijn moeilijk lerende kinderen, kinderen met opvoedingsmoeilijkheden en kinderen met gedragsproblemen. Het speciaal basisonderwijs heeft hetzelfde doel als het reguliere onderwijs, alleen de groepen zijn kleiner en er zijn meer deskundigen aanwezig om de leerlingen te begeleiden.

(Voortgezet) speciaal onderwijs
Op scholen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs krijgen leerlingen extra zorg en aandacht, die het reguliere onderwijs en het speciaal basisonderwijs hen niet kan bieden. Het speciaal onderwijs is er voor kinderen tot 12 jaar en het voortgezet speciaal onderwijs is er voor kinderen van 12 tot en met 20 jaar. Het (voorgezet) speciaal onderwijs is opgedeeld in vier clusters:

  • Cluster 1 voor blinde en slechtziende leerlingen.
  • Cluster 2 voor dove en slechthorende leerlingen en leerlingen met een taal- en spraakontwikkelingsstoornis.
  • Cluster 3 voor motorisch gehandicapten, verstandelijk gehandicapten en langdurig zieke leerlingen.
  • Cluster 4 voor leerlingen met psychische stoornissen en gedragsproblemen.

Deel deze blog